De benauwde tram vervoert Nora naar Pakhuis de Zwijger, aan de Piet Heinkade. De ijzige kou verdubbelt het aantal OV reizigers. En verdubbelt daarmee ook het aantal snotterende, gapende koppen. Nora heeft een onverdraagzaamheid in zich, die ervoor zorgt dat ze zich op dit soort momenten kapot ergert aan onbekenden. Rechts van haar ziet ze een forens wiens kaken overuren maken om een kleffe ontbijtreep door te slikken. Tegenover haar dient de voorpagina van de Metro als dekmantel om de graafpraktijken van de desbetreffende dame niet in beeld te brengen. Missie mislukt. De neusholtes worden met een fanatisme beroerd waar Nora van staat te kijken.
Het traject van Centraal Station naar het Pakhuis lijkt een eeuwigheid te duren. Eenmaal gearriveerd ademt ze diep in. Frisse lucht, voordat ze het voormalig koelpakhuis naar binnen stapt. Ze wordt op slag gelukkig als ze het frisse meisje ziet zitten achter de toonbank. ‘Hoi!’ wordt Nora begroet alsof ze al uren wakker is. Ze groet terug. De ergernis waarmee ze eerder kampte, is verdwenen. In de lift hangt het programma overzicht van de culturele broedplaats. Een flinke lijst aan evenementen over creativiteit en innovatie. Aan een deel van de lijst zal zij gaan werken, als stagiair. Samen met haar begeleider. Sjors.
Bij binnenkomst ziet Nora Sjors al staan. Enthousiast pratend eet hij een appel. Bij ieder uitroepteken in zijn verhaal vliegen er kleine spetters appelsap richting zijn gesprekspartner. Ze observeert het tafereel vanaf een afstand. Zijn houding zou haar kunnen irriteren. Hij staat voorover gebogen. Misschien zit zijn haar ook wel een beetje gek. En Sjors lacht veel te graag veel te hard om zijn eigen grappen. Maar zijn grappen zijn ook wel het leukst, vindt zij. Nora heeft een onverdraagzaamheid in zich naar iedereen, maar niet naar Sjors. Maar hoe kan het dat zij zo verliefd op hem is? Terwijl hij gewoon maar stukjes appel in het wilde weg spuugt en Nora niet eens opmerkt wanneer ze binnenkomt? Ze gaat aan haar bureau zitten en verlangt weer naar die benauwde tram, met al haar smerige inzittenden. De tram waar mensen haar alleen maar kunnen meevallen. Waar niemand haar kan teleurstellen.